Posts tonen met het label IS magazine/ OneWorld. Alle posts tonen
Posts tonen met het label IS magazine/ OneWorld. Alle posts tonen

zondag 21 juli 2013

De oude brug van Mostar

Blog voor OneWorld


In het oude centrum van Mostar is het druk. Zeker tijdens de zomer. In een klein winkeltje tikt een kopersmit aan een nieuw koffiekannetje om het vervolgens te kunnen slijten aan de vele toeristen die langs schuifelen. Aan de andere kant van de brug proberen mensen je hun restaurant in te lokken. Op straat wordt de kaart aangeboden, een ander restaurant heeft zijn personeel traditionele Bosnische kleding aan laten doen. De zon schijnt en het centrum van Mostar is erg levendig.

Lees hier verder

zaterdag 13 juli 2013

Pale: een anoniem stadje

Blog voor OneWorld (09-07-2013)

Zondagmiddag 7 juli 2013. De grote finale voor Novak Djokovic. De Serviër staat in de finale van Wimbledon. Op Britste bodem neemt Djokovic het op tegen de Brit Murray, die als hij wint geschiedenis zal schrijven. Afgezien van de coach en de vriendin van de Serviër zal het hele publiek juichen voor z’n tegenstander.           


In Pale, een klein stadje naast Sarajevo, niet. Daar juichen ze voor Novak. Pale is op het eerste oog een nietszeggend, anoniem en normaal stadje. De bevolking is arm. Betonnen flatgebouwen worden afgewisseld door grauwe huisjes. Tegen een achtergrond van bergen en natuur rijden af en toe een paar auto’s door de kapotte straten. Het voetbalveldje is modderig en verlaten. Het felwitte kerkje is prachtig onderhouden en steekt af tegen de rest van de grauwe stad.        

Pale ligt in het Servische gedeelte van Bosnië. Bosnië is opgedeeld in twee delen: de Federatie van Bosnië en Herzegovina, waar voornamelijk Bosniakken en Kroaten  wonen, en de Republiek Servië (niet te verwarren met buurland Servië) waar voornamelijk Bosnische Serven wonen. Pale ligt net in de Republiek Servië, ongeveer een half uur met de bus van Sarajevo.         

De reis naar Pale door de bergen is prachtig. Hoge bergen, smalle kloven en vrijwel onbewoonde  en onaangetaste stukken natuur. Opeens duikt uit die overweldigende natuur een klein stadje op. Het is op deze regenachtige zondagmiddag erg rustig op straat. Een paar kinderen spelen een potje basketbal voor hun flat. Maar de meeste mensen zitten binnen; thuis of in een van de talrijke cafeetjes van het stadje. In een van die cafés nestel ik mezelf tussen de Djokovicfans achter een biertje. Met armgebaren richting de haperende TV moedigen ze hem aan. Waarschijnlijk niet omdat ze zulke tennisfreaks zijn.   
Pale staat bekend als voormalig nationalistisch bolwerk van de Bosnische Serven. Vanuit hier werd de belegering van Sarajevo, die meer dan 3 jaar duurde, voor een groot deel georganiseerd. Het is tevens de oude  woonplaats van Radovan Karadzic. Zijn vrouw en dochter schijnen er nog steeds te wonen. Het nationalisme, en daarmee anti-Westerse gevoelens leefde enorm hier. In hun ogen worden de Serviërs gedemoniseerd door het Westen en krijgen zij van alles de schuld.    

Nu, 18 jaar na het einde van de oorlog, merk je vrijwel niets meer van deze geschiedenis. De paar mensen die een klein beetje Engels kunnen zijn erg behulpzaam voor deze Westerse bezoeker. Ze vinden het leuk dat ik tennis met ze kijk.         

Het is inmiddels 2-0 in sets voor Murray die ook in de derde set aan de winnende hand is. Het café is daarom bijna leeggestroomd. Ik loop terug naar het busstation. Vlak voordat de bus vertrekt zie ik in de vertrekhal heroïsche beelden van een winnende tennisser. Een taxichauffeur geeft een kleine glimlach. Hij kan best met dit verlies leven. De bus vertrekt en ik verlaat Pale: ooit het strategische centrum van de Bosnisch-Servische strij, nu een anoniem stadje.

zondag 30 juni 2013

Babylution!

Alweer een revolutie? Ja, na Egypte, Tunesië, Turkije, Brazilië, Bulgarije en nog een hoop landen die hier niet tussen staan is er de laatste weken ook in Bosnië een golf van protest op gang gekomen. Het klinkt lief en zacht: babylution. Vergeleken bij de rellen in Turkije en Brazilië op dit moment, gaat het er in Bosnië dan ook vrij 'lief' aan toe. Maar wat is er hand?

Het begon met de 3 maanden oude baby Belmina. Het zieke meisje had dringend een beenmergtransplantatie nodig. Daarvoor moest ze naar het buitenland maar dat ging niet. Sinds februari worden er namelijk geen identificatienummers meer verstrekt omdat de politiek het maar niet eens wordt over hoe dit systeem er uit moet zien. Zonder zo'n nummer, een JMBG, is het niet mogelijk het land uit te reizen.

Ondertussen was er nog een andere baby, Berina, die ook erg ziek was. Het is gelukt haar het land uit te krijgen maar omdat haar behandeling inmiddels vertraagd was is zij ook overleden.

Sinds 5 juni wordt er daarom geprotesteerd. Het begon met een klein groepje mensen die een paspoort voor Belmina eisten. Het werden steeds meer en meer mensen.
Het gaat inmiddels niet alleen maar om die identificatienummers. Het protest richt zich op politici in het algemeen 'die al 20 jaar hun werk niet doen en niet in het belang van het volk handelen'.
Aankomende maandag staat de grootste protestactie sindsdien gepland. Er wordt geprotesteerd en daarnaast wordt er opgeroepen om een dag lang niets uit te geven en alle betalingen aan overheidsgerelateerde instellingen uit te stellen tot 1 augustus. 'Vul niet hun zakken maar hou je geld in je eigen zak.'

Wat er na maandag aan protesten volgt weet niemand nog. Een ding is zeker: in het nog altijd langs etnische lijnen verdeelde land is samen geprotesteerd voor een doel; een mooie toekomst kinderen in Bosnië-Herzegovina.

http://www.oneworld.nl/bloggen/lezersblogs/babylution

maandag 17 september 2012

“Veroordeling Congolese rebellenleider Lubanga mijlpaal”

Gepubliceerd door OneWorld op 11 juli 2012

Het Internationaal Strafhof heeft dinsdag een straf van 14 jaar cel opgelegd aan Thomas Lubanga. Lubanga werd in maart al schuldig bevonden aan het ronselen en inzetten van kindsoldaten jonger dan 15 jaar. Ondanks dat hij altijd volgehouden heeft onschuldig te zijn, hoorde hij zijn vonnis vandaag gelaten aan.

Lees hier meer: http://www.oneworld.nl/lezen/nieuws/veroordeling-congolese-rebellenleider-lubanga-mijlpaal 

Wordt de Sahel de nieuwe Hoorn van Afrika?

Gepubliceerd door OneWorld op 7 april 2012

Extreme droogte in de regio verpestte de oogst in 2011 en veroorzaakt enorme voedseltekorten voor miljoenen mensen. Hebben we dit niet eerder gezien..?

Verder lezen en reageren? http://www.oneworld.nl/lezen/nieuws/wordt-de-sahel-de-nieuwe-hoorn-van-afrika

Kan Afrika zichzelf voeden?

Gepubliceerd door OneWorld op 21 februari 2012

Moet Afrika aan de grootschalige veeteelt of moet het juist van de kleine boer komen? Daarover verschilden de meningen  bij de tweede aflevering van It’s the Food Stupid op 12 februari.

lees verder en reageer: http://www.oneworld.nl/lezen/nieuws/kan-afrika-zichzelf-voeden

Favelatour in Rio

Gepubliceerd door OneWorld op 10 december 2012

Toeristen die op vakantie gaan in Brazilië bezoeken niet alleen het strand, maar ook de sloppenwijk. Journalist Lindy Janssen maakte een tour door de favela's van Rio de Janeiro.

Lees hier verder: 
http://www.oneworld.nl/lezen/reportage/favelatour-rio


zondag 13 november 2011

Voetbaldromen

Eén van de bekendste voetballers allertijden. Een held voor velen. Niet alleen in zijn eigen land, maar voor mensen over de héle wereld. Hier in Sao Paulo heeft hij een naar hem vernoemd voetbalveldje.
Ik heb het niet over Pelé. Niet over Romario. En ook niet over Ronaldo. Nee, ik heb het over Johan Cruijff.


Cruijff is natuurlijk niet alleen bekend om zijn doelpunten en manier van spelen. Hij heeft z´n eigen voetbaldoctrine ontwikkeld hoe je aanvallend en mooi voetbal speelt: totaalvoetbal. Totaalvoetbal is bijvoorbeeld: “Als wij de bal hebben kunnen zij niet scoren.” Of: “”Je moet altijd zorgen dat je een doelpunt meer scoort als de tegenstander.”

Cruijff is nog steeds bezig met voetbal. Hij beleeft op dit moment nieuwe avonturen bij Ajax en heeft ook zijn eigen stichting: de Cruijff Foundation.

De Cruijff Foundation verzorgt trapveldjes in buurten waar een goede plek om te voetballen ontbreekt. In Nederland zijn er in verschillende wijken zulke trapveldjes. Maar ze zijn ook te vinden in Marokko, Israel, Zuid-Afrika, Oeganda en sinds een jaar in Brazilië.
In Ermelino Matarazzo in Sao Paulo is een voetbalveldje met een puntgaaf geel logo in het midden; een officieel Cruijff Court.

Volgens Fernando, één van de trainers van het Cruijff Court, is de wachtlijst om er te mogen trainen erg lang. “We hebben nu 206 jongens en 26 meisjes die hier trainen”, zegt hij trots. “Ze trainen drie keer per week voor anderhalf uur.”Rafael, een dik jongetje van 12 jaar oud woont in deze wijk en veel van z’n schoolvriendjes staan vandaag ook op het trainingsveldje. “Ik heb al veel geleerd hier”, zegt hij terwijl hij naar de grond staart. Een beetje door z’n coach gedwongen geeft hij toe dat hem ook veel discipline en respect is bijgebracht. Op het veld, maar ook in z’n dagelijkse leven. “En hij is ook al veel gewicht kwijt geraakt”, zegt z’n coach terwijl Rafael terug naar het veld en z’n vriendjes rent.
Bruno, een andere coach, zegt dat het bijbrengen van respect een van de speerpunten van het project is. “We willen goede mensen van ze maken. De trainingen veranderen het gedrag van de jongens.” Als je bedenkt dat letterlijk elke jongen in Brazilië dezelfde heeft “de nieuwe Neymar worden”, begrijp je dat ze alles doen wat de coach zegt.

Neymar is DE nieuwe Braziliaanse voetbalster. Hij is pas 19 jaar oud en de populairste speler van Santos FC. Onlangs sloeg hij, of zijn club of managers, biedingen van Real Madrid en Santos af. Je kan zien hoe populair Neymar is aan het kapsel van de jongetjes op het veld. De helft van de jongetjes heeft zijn haar kort aan de zijkant en lang in het midden. Soms is het lange deel blond geverfd. Precies zoals Neymar het ook heeft!

Net zo populair en goed als Neymar worden mag dan wel hun droom zijn maar coach Bruno is er eerlijk over. “Hier hebben ze geen kans om profvoetballer te worden. Dan moeten ze naar een andere club.” Scouts komen niet naar het Cruijff Court en goed contact met hen is er niet. Wie er ook niet is en nooit geweest is, is Johan Cruijff zelf.

Als je een van de grootste voetballers ooit bent en je noemt een voetbalveld waar jonge kinderen getraind worden naar jezelf zijn de verwachtingen hoog. Het minste wat je dan kan doen is een bezoek brengen aan het veldje en de erg getalenteerde kinderen een stap verder proberen te brengen. Maar dat gebeurt niet op het Cruijff Court.
Het is een supermooi trainingsveld. In een wijk waar het trottoir uit losse delen bestaat, en de verf van de huizen bladdert is het hek rond het Cruijff Court strak in vrolijke kleuren geverfd. De coaches hebben een sportopleiding gedaan en elke dag is er lunch voor de kinderen. Maar het enige wat deze kinderen willen is een heel klein beetje hoop. Hoop op die ene superkleine kans om de nieuwe Neymar te worden. Maar ondanks de veelbelovende naam moet je voor die hoop niet op het Cruijff Court zijn...

vrijdag 4 november 2011

Hoe ik Marcel's droom kapot maakte

“So, you’re Lindy right?” Ik knik, geef Marcel een hand en, zoals gebruikelijk in Brazilië, één zoen op de wang. “Then you’re the one who kinda ruined my life…”

Marcel is een student uit Sao Paulo en samen met zijn studiegenootjes zal hij mij de komende twee weken helpen met mijn artikelen. Wat heb ik misdaan? Hoe kan ik bij iemand die ik net ontmoet heb zijn leven ruineren?  Ik kijk Marcel vragend aan maar gelukkig legt hij het meteen uit. “Het gaat over je mailtje over Amsterdam.”  Voor mijn reis naar Brazilië hebben Marcel en ik al veel gemaild. Sao Paulo is het gay-walhalla van Latijns Amerika en heeft de grootste en bekendste homogemeenschap van het continent. Tenminste dat was zo. Ook in Sao Paulo is er steeds meer geweld tegen homo’s en een gemeenteraadslid wil een straight-pride organiseren; als tegengeluid voor de jaarlijkse gay-pride. Hij vindt dat homo’s in Sau Paulo te vaak bevoordeelt worden.


“Kijk, hier in Sao Paulo kan ik eigenlijk niet zijn wie ik echt ben. Ik weet niet aan wie ik wel en niet kan vertellen dat ik homo ben. Daarom is het al járen mijn droom om in Amsterdam te gaan wonen! Daar maakt het niets uit en kan ik eindelijk zijn wie ik ben.”

Nu snap ik wat ik gedaan heb. .. In onze mailwisseling heb ik verteld dat Amsterdam ook niet meer ‘Gay-capital of the World’ is. En er in Nederland veel ophef is over homostellen die uit hun buurt weggepest worden. Daar vervloog z’n hoop en z’n droom. Ai…

Ik heb met hem te doen. Hij vertelt me dat het geweld en de straight-pride niet het enige is. Een bekende tv-priester houdt vaak preken over hoe slecht homoseksualiteit is en ook het populaire parlementslid Bolsonaro verzint van alles om homo’s  zwart te maken. Het volgende You-Tube filmpje is een speech van hem in het congres. Volgens Marcel verzint ie hier alles wat ie zegt en wil hij vooral populair worden met zijn uitspraken.
Zo zegt hij onder andere dat mannen met een stoornis (homoseksualiteit dus) op de juiste weg geholpen moeten worden, desnoods met klappen…

Samba!

Een klein cafeetje. Van de buitenkant niet als cafeetje te herkennen. Achter in de hoek zitten een paar oude mannetjes en een oud vrouwtje. Een gitaar, een Braziliaanse cavaquinho, een tamboerijn, een djembee en een microfoon. Er is ook een piano maar die is overduidelijk al jaren niet meer gebruikt waar ie voor bedoeld is en wordt nu als bijzettafeltje van de muzikanten gebruikt. De zanger ziet er uit als een oude Braziliaanse opa. Een getekend gezicht en een mond waarin je eigenlijk nog maar één tand verwacht. Hij lacht veel maar laat nooit z’n gebit, of waar dat zou moeten zijn, zien.
Hij kijkt me aan en gebaart dat we moeten gaan dansen. Dit tentje is dé perfecte samba-tent. Dus waarom  niet? Nou ja.. misschien omdat ik nog nooit de samba gedanst heb en geen flauw idee heb hoe het moet….  Jacqueline en haar vriendin  stellen me gerust. “You will be doing great!” Daar ben ik nog niet zo zeker van, maar om me gerust te stellen haalt Jacqueline een een cachaça voor me; een populair Braziliaans drankje.

De gitarist met zijn felwitte hoed en de vrouw met de djembee, die een beetje een scheef gezicht heeft, spelen stug door. De man met de cavaquinho, een soort ukele, loopt nog steeds rond, maar het publiek aankijken durft hij niet. Boven de band hangen schilderijtjes en uitaard een Jezusbeeldje.  De microfoon piept af en toe, maar de muziek is fantastisch.  Het is helemaal af. Jacqueline doet me voor hoe je samba danst. Ik sla de cachaça achterover, doe haar na en ga volledig op in de muziek. Die avond dans ik samba alsof ik nooit anders gedaan heb!





dinsdag 12 juli 2011

Ver weg van de bewoonde wereld

IS Online


“Kijk, dit is een CD-rom. Weet je eigenlijk hoe een computer werkt?” Edna  kon haar oren niet geloven. Toen ze net in Amsterdam woonde ging ze met haar Nederlandse vriend mee naar een feestje met zijn collega’s. …Goh, zo’n meisje uit Tanzania…Vast nog nooit een computer gezien. Ze leven daar toch in hutjes. Zonder stroom en ver weg van een waterput? “Dat is écht hoe iedereen hier over mij denkt!, zegt Edna verontwaardigd. Inmiddels woont ze al bijna twee jaar in Nederland en is van Amsterdam naar een rijtjeshuis in IJmuiden verhuist.  Vanavond is Edna op mijn feestje en hoopt op niet wéér dezelfde vooroordelen.

“Ach, nu ben ik er wel aan gewend hoor. Dat mensen denken dat ik dom en ondervoed ben omdat ik uit Afrika kom”, zegt ze lachend. “Maar wat heb ik die collega toen vervloekt, zeg!” Ze zucht. “Weetje, ik kan het mensen niet eens kwalijk nemen. Het enige wat jullie over Afrika horen gaat over honger of over oorlog. En als jullie dan naar Afrika gaan dan is het om vrijwilligerswerk doen. Met de beste bedoelingen, dat weet ik wel. Maar jullie beeld over Afrikanen wordt daarmee wel bevestigd! Ik kom gewoon uit een grote stad met hoge flats en dure kantoorgebouwen, hoor!” Shit, bedenk ik me, zelf heb ik me daar dus ook schuldig aan gemaakt hieraan toen ik twee jaar geleden op het Ghanese platteland ging wonen en vrijwilligerswerk ging doen… “Jullie denken dat alle Afrikanen in een hutje wonen, ver weg van de bewoonde wereld. Nou, dat is echt niet zo hoor!” Edna heeft natuurlijk wel gelijk. Afrika verstedelijkt veel sneller dan de rest van de wereld. Naar verwachting van het UNFPA zal de stedelijke bevolking van Afrika van 294 miljoen in 2000 verdubbelen tot 742 miljoen in 2030. Dan woont meer dan de helft van de Afrikanen in een grote stad. Toch blijven wij maar vasthouden aan het beeld van op het platteland levende Afrikanen.

Het feestje is inmiddels in volle gang. “Lindy kan ik zo even op je computer kijken hoelaat m’n trein vertrekt?” “Tuurlijk, maar weet je hoe internet werkt dan?”, antwoord ik. “Edna kijkt me fel aan, maar als ze m’n knipoog ziet schieten we allebei in de lach!

dinsdag 28 juni 2011

De minister van Vrouwen- en Gezinszaken

Zaterdag 25 juni

IS Online

©www.haguejusticeportal.net
Het Rwanda-tribunaal heeft Pauline Nyiramasuhuko vrijdag veroordeeld voor genocide. Ze is de eerste vrouw ooit die door een internationaal hof veroordeeld is voor volkerenmoord. Nyiramasuhuko is voormalig minister van Vrouwen- en Gezinszaken in Rwanda. Ze zou hebben aangespoord tot massale verkrachtingen, als onderdeel van genocide en heeft levenslang gekregen.

Het meest opmerkelijk van de vreselijke misdaden die zij begaan heeft is dat Nyiramasuhuko als minister altijd opkwam voor vrouwen en het gezinsleven, maar dat zij tijdens de genocide in 1994 massale verkrachtingen aangemoedigde. De NOS schrijft dat zij het Rode Kruis voedsel liet uitdelen in het stadion van Butare. Duizenden wanhopige Tutsi's vluchtten naar het stadion. Het bleek een valstrik. De vrouwen werden van de mannen gescheiden, en naar het bos gebracht. "Voor jullie ze doden, moeten jullie ze verkrachten", zou de minister hebben gezegd. Daarna keek ze toe hoe Hutu-milities met machinegeweren en handgranaten de Tutsi-mannen in het stadion afmaakten.

Massale verkrachtingen. Eén van de wreedste oorlogsinstrumenten. Maar wat velen, en ook ik, zich afvragen is hoe nu juist een minister van Vrouwen- en Gezinszaken, een vrouw en zelf moeder notabene, hier toe op kan roepen…
Een rechtvaardiging ga ik hier zeker niet uit de doeken doen. Wel (een poging tot) een verklaring hoe dit kan.
Wat je bij genocides of andere grove mensenrechtenschendingen ziet is dat de vijand wordt “gedehumaniseerd”. Oftewel: Er wordt niet over hen als mensen gedacht en gepraat maar als iets minderwaardigs. Ongedierte, onkruid. De Joden waren “Untermenschen” en de Tutsi’s “Kakkerlakken”. En dus niet je vrienden, je buren, of je collega’s. Nee, wezens van een compleet andere soort. Een soort waar jijzelf vér boven staat. En dan wordt het iets minder lastig ze iets ergs aan te doen. Immers, het zijn toch maar “kakkerlakken”… en daar kan je maar beter vanaf zijn…

Het meest enge hiervan is dat, als dit blijkbaar zo werkt, ikzelf en ook jij dit ook zouden kunnen doen. Als de omstandigheden er maar naar zijn. Als een ‘andere’ groep mensen maar de beste baantjes krijgt, we weinig tot geen sociale vooruitgang zien, dit een tijdlang zo blijft en er dan politici zijn die ons opruien… Ik moet er niet aan denken, toch vrees ik dat ook Pauline Nyiramasuhuko het resultaat was van hoe ons menselijk brein nou eenmaal kán werken. Ook die van mij, en ook die van jou…

Beter een goede buur...

IS Online

Hosni Mubarak uit Egypte. Zine al-Abidine ben Ali uit Tunesië. En Jean-Claude Duvalier uit Haïti. Drie ex-presidenten met, op z'n zachtst gezegd, een niet al te smetteloos verleden. Er is echter nog een overeenkomst tussen de drie heren. Alledrie bezitten zij vastgoed in de chique omgeving van de Parijse Avenue Foch, dichtbij de Arc de Triomphe. Ze zijn niet de enige dubieuze (ex-) presidenten die een optrekje gevonden hebben in deze buurt. Tussen diplomaten en succesvolle zakenmensen bezitten nog wat oud-politici hier wat vastgoed. Teodoro Obiang Nguema Mbasogo bijvoorbeeld. Hij is sinds 1979 president van Equatoriaal-Guine en staat bekend om zijn harde opstelling naar politieke tegenstanders. Toch heeft ook hij een huisje bemachtigd in deze luxe wijk. Omar Bongo, de voormalige president van Gabon (1967 – 2009)en Afrika's langstzittende president ooit deed het nog beter. Bongo stond bekend om zijn autoritaire bewind en corrupte handelen. Mede hierdoor was hij één van de rijkste staatshoofden van de wereld. Meer dan geld genoeg dus voor de Avenue Foch. Letterlijk meer dan genoeg want hij investeerde in maar liefst 39 panden. Op het plattegrondje uit de Belgische ‘Standaard’ kun je zien wie er zo al vertoeven in deze wijk.


Maar zijn deze leiders eigenlijk leuke buren? Ik ging de wijk in en vroeg de bewoners wat ze van deze buren vinden en of ze ze eigenlijk wel kennen...
Een meisje dat in een parkje aan de Avenue Foch aan het lezen is heeft geen idee waar ik het over heb. “Hier?! Daar heb ik echt nog nooit van gehoord!” De mevrouw in een boekenwinkel misschien dan? “Tjah..zou kunnen. Mijn klanten stellen zich niet voor he?” In het bloemenwinkeltje weten ze misschien wel meer. De Aziatische eigenaresse spreekt echter geen Frans of Engels, dus spreek ik telefonisch met haar man. Hij weet dat Ben Ali een appartement in de buurt zou bezitten. Maar waar precies? Dat weet hij niet. En bloemen heeft hij nog nooit besteld...

Twee oude mannetjes staan op straat met elkaar te praten. Zij moéten de buurt goed kennen. Maar ze lachen een beetje als ik vraag naar de omstreden buurtbewoners. Ze hebben er nog nooit van gehoord. “Nee, echt niet”. “Weet u het zeker?”, vraag ik. Ze overleggen in het Arabisch. “Nee, echt niet...”

Huizen met hoge hekken en dure beveiligingssystemen. Hermetisch afgesloten. Maar jah, woont er dan een omstreden ex-president of gewoon een succesvolle zakenman? De buurtbewoners kunnen het me niet vertellen. Of ze wíllen het me niet vertellen. Dát kan ook!


zondag 1 mei 2011

Blood in the city


IS Online

Afgelopen vrijdag zat ik zoals vaker op internet te surfen. Via  Twitter werd ik overspoeld met meningen over de trouwjurk van Kate Middleton. Ook maakten veel mensen zich al op voor Koninginnenacht. Ik ging zelf ook alvast kijken waar de leukste bands zouden spelen en naar welk feest ik wilde gaan.
Toen viel mijn oog op een twitterbericht van Rosebell. Rosebell komt uit Uganda en ik ontmoette haar ongeveer een half jaar geleden in New York waar we beiden verslag deden van een VN-top. Die week trokken we vaak samen op en sindsdien houden contact via Facebook en Twitter.
Ze tweette: “Hearing bullets from my office in Kamwokya #walk2work” . Kamwokya is een wijk in Kampala en Walk2work een al meer dan twee weken durende campagne  van de Ugandese oppositie. Uit protest tegen de hoge benzineprijzen lopen zij naar hun werk. De overheid is het hier niet mee eens en pakt de oppositieleiders en demonstranten op.  Zachtzinnig gaat dit niet want de afgelopen dagen zijn hier al enkele doden bij gevallen.
Afgelopen vrijdag liep het compleet uit de hand. Oppositieleider Besigye die al twee keer opgepakt werd, was op borgtocht vrij. Donderdag werd hij op brute wijze opnieuw gearresteerd. Het raam van zijn auto werd ingegooid en van dichtbij werd hij met traangas uitgeschakeld. Hierna wordt hij ruw in een pick-up truck gegooid.



“More bullets in Kamwokya and we all duck under our tables #walk2work” luidt het volgende twitterbericht van Rosebell.  Zo’n beetje elke minuut stuurt Rosebell verontrustende berichten de wereld in.  Het schieten houdt niet op, lichamen liggen op straat, politiemensen worden verbrand of vermoord…
“Blood blood in the city!!! RT @bbandac:Iin Kyambogo people are killin police men with knives, journalists sent away. #walk2work”  Hierna moet ik helaas weer aan het werk en kan haar updates niet meer van minuut tot minuut volgen. De leukste bands en feestjes op Koninginnenacht heb ik ondertussen ook gevonden dus een paar uur later struin ik de vrijmarkt af en geniet van de vele bandjes in de stad. Mijn avond was super, maar hoe zou die van Rosebell zijn geweest?

maandag 4 april 2011

Een popidool…

IS Online

In de foyer van het Haagse Spuitheater wacht ik samen zo'n honderd andere studenten totdat we hem eindelijk ontmoeten. Een beetje spannend is het wel. Zo vaak krijg je niet de kans om hem in het echt te zien. Op de rij achter mij belt een opgelaten studente nog snel met vrienden: “You réálly have to come, we're gonna meet him!” Het wachten duurt nu wel erg lang. Eindelijk komt er iemand het podium op. “Hij is gearriveerd, maar moet nog een belangrijk telefoontje plegen. Nog tien minuten geduld dus...” Pfff... bekende mensen komen altijd te laat!

Dan beklimt hij eindelijk het podium: Luis Moreno-Ocampo. Wie? Moreno-Ocampo is de hoofdaanklager van het Internationaal Strafhof. En een ‘naam’ binnen het wereldje van mensenrechten, oorlog en internationaal strafrecht. Bijna nóóit geeft hij een lezing. Maar vanmiddag wel! En ik ben er bij…

Maar waar heeft deze man het dan over? Over veel dingen kan hij niets zeggen omdat hij er geen jurisdictie over heeft. Zoals waarom Bush niet vervolgd wordt voor misdaden in Irak. De VS zijn geen partij bij het Internationaal Strafhof. Aan Moreno-Ocampo vragen Bush te berechten zou volgens hem dus hetzelfde zijn als een Nederlandse rechter vragen om recht te spreken in Mongolië... Een ingestudeerde grap waarschijnlijk, maar kritiek op het Internationaal Strafhof wuift
hij zo makkelijk weg! Hetzelfde voor Iran. Waarom doet hij daar niets aan? “Ik kan niets doen, tenzij er een verwijzing van de VN Veiligheidsraad komt.” Het is de waarheid, maar het is ook wel makkelijk om alles meteen op anderen te schuiven.
Andere zaken waar hij wel over kan praten, vindt hij simpelweg “difficult”. Zoals het gevoel van slachtoffers als in lokale rechtspraak de lager gerangschikte daders vaak de doodstraf krijgen en de verantwoordelijke ‘masterminds’ van een slachting of genocide ‘slechts’ levenslang krijgen bij het Internationaal Strafhof. Hij zucht: ”Yeah, that’s difficult…”

De tijd vliegt voorbij! En als de masterclass met Moreno-Ocampo dan echt voorbij is en hij het podium afloopt, wordt hij belaagd door studenten. Iedereen wil hem nog wel wat vragen. Geen kritische vragen over de zaak tegen de Soedanese president Al-Bashir, geen kritische vragen over Libië. Nee, de studenten vragen heel andere dingen: “Can I please take a picture with you?”
Hij voelt zich een beetje opgelaten, maar gaat met iedereen op de foto. “Jeetje, hij lijkt net een popidool”, zegt een verbaasde journalist die naast me zit. “Natuurlijk!”, lach ik en ik druk snel mijn fototoestel in z’n handen om ook met het popidool op te foto te kunnen…

dinsdag 29 maart 2011

Cacao of olie

IS Online

Stel dat onze auto's op cacao rijden en dat koffie de wereldeconomie sterk beïnvloedt. Of dat de internationale media hun camera's 24uur per dag op Abidjan richten en dat de hele wereld daar dagelijks naar kijkt. Of stel dat Ivoriaanse vluchtelingen heel makkelijk in een bootje naar het Europese vaste land kunnen…

Zouden we dan ook een no-fly zone instellen? Zouden we dan ook ons leger inzetten om Nederlanders uit Ivoorkust te halen? Zouden we dan ook dagenlang aan de buis gekluisterd zitten? Zouden we dan ook opeens van steden waar we een paar weken eerder nog nooit van hadden gehoord weten of die in handen zijn van de oppositie of juist niet?

Of zouden de dagelijkse gevechten precies hetzelfde zijn? Zou de internationale gemeenschap nog steeds pijnlijk onzichtbaar zijn? En zou Ivoorkust nog steeds maar zelden de voorpagina’s halen?

En stel dat de buurlanden van Ivoorkust ook opeens onrustig worden na frauduleuze verkiezingen. Zouden we dan spreken van een ‘West-Afrikaanse lente’ of zouden we dan nog méér afhaken dan nu al het geval is omdat het ‘in Afrika toch altijd en overal oorlog is’?

De aandacht voor Libië is uiteraard terecht. Maar waarom is diezelfde aandacht er voor Ivoorkust niet?

maandag 28 maart 2011

Fuseren met Philips

IS Online

Ontwikkelingssamenwerking ligt onder vuur. De oud-directeur van Terre des Hommes wil (nog steeds) fuseren met Philips. Hoogleraar Hoebink stelt dat we door amateurs worden geregeerd. En studenten stellen kritische vragen. Wat is er toch aan de hand? Waarom is er zoveel kritiek en wat voor kansen biedt het bedrijfsleven voor de toekomst van ontwikkelingssamenwerking?


In een zaaltje in het centrum van Leiden wordt door studenten van Studentenvereniging SOL (Studentenvereniging Ontwikkelingssamenwerking Leiden) met elkaar en experts gediscussieerd. “We worden als het om ontwikkelingssamenwerking gaat geregeerd door amateurs”, zegt Paul Hoebink van de Radboud Universiteit in Nijmegen. Hoebink weerlegt vele kritieken op ontwikkelingssamenwerking. De VVD, met eerst Hirsi Ali en later Boekestijn, noemt het OS-beleid mislukt. “Maar Nederlandse ontwikkelingshulp kan niet heel Afrika veranderen. Ontwikkelingshulp is op haar best een katalysator”, meent Hoebink. Hij is positief over wat ontwikkelingssamenwerking kan bereiken. “Met nieuwe methoden blijkt ook wetenschappelijk dat ontwikkelingssamenwerking effect heeft.” Toch is het debat in Nederland veel negatiever dan in Duitsland en Groot-Brittannië, waar het beleid volgens Hoebink meer toegespitst is op wat er in de wereld speelt. Hoe dit komt, wordt niet precies duidelijk.

Enfant Terrible

In een interview met Ron van Huizen (oud-directeur Terre des Hommes) door Marc Broere (hoofdredacteur Vice Versa) legt van Huizen uit dat die negatieve aandacht volgens hem komt omdat ontwikkelingssamenwerking een industrie is geworden. Bovendien is er weinig animo voor vernieuwingen. Broere zegt dat van Huizen ook toen hij nog directeur was al kritisch was over zijn eigen sector en noemt hem ‘het enfant terrible van de Nederlandse ontwikkelingssamenwerking’. Het enfant terrible is verantwoordelijk voor Johan Cruijffs’ betrokkenheid bij ontwikkelingssamenwerking. “Mijn opa en zijn stiefvader waren beiden terreinknecht bij Ajax. En zelf heb ik ook nog bij Ajax gespeeld…”, vertelt Ron van Huizen trots. Toen Cruijff zijn Johan Cruijff foundation oprichtte hielp van Huizen hem. “Notulen en besluiten maakte ik soms voor de vergadering al. Cruijff hoefde dan alleen te tekenen en kon weer over voetbal praten”, lacht van Huizen. Hij looft Cruijff over zijn gevoel voor mensen. Cruijff zat meteen op dezelfde golflengte met iédereen. “Ook in India waar niemand wist wie hij was…” Van Huizen vindt Cruijff, net als de hele voetballerij, een bedrijf.

Fuseren met Philips geen slecht idee
Maar ontwikkelingssamenwerking in combinatie met bedrijven roept traditioneel veel weerstand op. Van Huizen kan het weten. In 2004 zei hij: “Het zou mijn droom zijn als Terre des Hommes zou fuseren met Philips.” De commotie die na zijn uitspraak in de OS-sector ontstond heeft hij nooit begrepen. Een NGO heeft een andere insteek dan een commercieel bedrijf maar van Huizen ziet ook veel kansen in de door staatssecretaris Knapen gewenste samenwerking tussen de twee. De infrastructuur en kennis van een NGO en de producten die een bedrijf wil verkopen kun je goed aan elkaar koppelen.” Van Huizen ziet nog wel veel verbeteringen die mogelijk zijn. “Samenwerking met het bedrijfsleven is nu altijd ad hoc, zoals na de Tsunami. Er zijn geen langlopende contracten tussen NGO’s en het bedrijfsleven.” Nu het huidige kabinet meer nadruk wil leggen op het bedrijfsleven binnen ontwikkelingssamenwerking wordt zijn opmerking over Philips weer actueel. “Er wordt ook vaak gezegd dat NGO’s kunnen fuseren, dan vind ik mijn idee van fuseren met Philips nog geen slecht idee”, aldus van Huizen. “Als je onderdeel bent van het bedrijf moet Philips altijd rekening houden met de belangen van Terre des Hommes!”, legt de enthousiaste van Huizen uit.

Meer dan alleen bedrijfsleven
Antropoloog Harm van Oudenhoven benadrukt dat het bedrijfsleven niet zonder andere sectoren zoals onderwijs en een goed functionerend overheidsapparaat kan. In Nicaragua zette hij een cacaofabriek op. “Maar ik liep tegen erg veel muren op”, vertelt hij stoïcijns. Lokale wetgeving en belastingwetgeving kwamen soms totaal niet met elkaar overeen en het kostte hem veel moeite en geld om zijn bedrijf officieel te registreren. Ongeletterde en soms wereldvreemde arbeiders hielpen zijn bedrijf vaak ook niet zoals het had gekund.

Kortom: met alléén het bedrijfsleven red de ontwikkelingssamenwerking het niet. Andere sectoren blijven nodig om ontwikkelingssamenwerking, ook in de toekomst, effectief te laten blijven. Veel sprekers benadrukten dat kritische nieuwe geluiden en fris bloed nodig zijn in de sector. Aan kritische geluiden geen gebrek, dus wat dat betreft komt het misschien wel goed met de toekomst van ontwikkelingssamenwerking…

vrijdag 18 maart 2011

Vrouwen en kinderen eerst

"…Onschuldige kinderen en vrouwen zijn dan het slachtoffer." Ik luister naar een interview met Generaal buiten dienst Couzy op Radio 1. Hij vreest dat door, de inmiddels ingestelde, no-fly zone Libië zich tactisch zo opstelt dat het Westen kans loopt ongewild burgerdoelen te raken. Zo kan Gadaffi laten zien hoe wreed de buitenlandse mogendheden zijn. Couzy impliceert dat dat in het bijzonder erg zou zijn omdat vrouwen en kinderen dan slachtoffer kunnen worden.

Nu heeft Couzy enorm veel verstand van dergelijke conflictsituaties. Toch valt het me op dat, zoals vaker in zulke situaties, alléén vrouwen en kinderen onschuldig zijn. Zoals het oude adagiuim luidt: 'Vrouwen en kinderen eerst!'

Ten eerste is de tijd dat vrouwen zich per definitie niet in een oorlog mengen al lang voorbij, als die tijd al ooit bestaan heeft.
Ten tweede worden vrouwen door zo’n uitspraak weggezet als kwetsbare wezentjes. Mocht dit al zo zijn dan geldt dat niet voor álle vrouwen en verdienen ook de vrouwen voor wie dat wel geldt een positievere associatie.
Ten derde impliceert iemand die zoiets zegt dat mannen wel schuldig zijn. Anders zeg je wel onschuldige burgers...
Nu weet ik ook wel dat Couzy het niet zo bedoelt, maar zullen we voortaan gewoon 'onschuldige burgers' zeggen en niet meer 'onschuldige vrouwen'? Dat lijkt me beter. Voor vrouwen én mannen!

woensdag 9 februari 2011

Belasting

IS Online
 

Ik ben bij een lezing op de Vrije Universiteit waar Paul Collier (Oxford) uitlegt dat het in het belang is van bevolkingen in ontwikkelingslanden zélf als zij belasting gaan betalen. Dat klinkt natuurlijk vreemd.  Deze mensen hebben vaak al zo weinig geld en dan moeten ze daarvan ook nog eens belasting betalen… Collier blijft er bij: “Het is goed als staten een belastingsysteem opzetten.”
 
Tijdens Colliers’ betoog over belastingen dwalen mijn gedachten af naar Gadaffi. Gadaffi was anderhalf jaar geleden mijn gastbroertje toen ik twee maanden bij hem en zijn familie in een Ghanees dorpje woonde. We zaten buiten op het erf op een bankje en hadden net ons avondeten op. Ik vertelde hem dat ik me er zo over verbaasde hoeveel kraampjes er overal langs de weg stonden met telefoonkaarten, mango’s, bananen, voetbalshirts, kranten, stoffen voor kleding, zakjes water, schoenen, gedroogde vis , noten. Je kan het zo gek niet bedenken of je kan het in Ghana langs de weg kopen. Toen ik zei dat je dat in Nederland helemaal niet zo hebt en mensen op andere manieren geld verdienen, keek hij raar op. Het gesprek ging verder en even later kwam hij erachter dat ik, en de rest van alle blanken, een deel van hun geld aan de overheid afstaan. Hij lachte me uit en was toch wel trots dat zijn moeder, die vaak stoffen langs de weg verkoopt, niet zo gek is om dat te doen. Ik probeerde uit te leggen dat het juist goed is dat ik belasting betaal omdat daarmee de overheid dingen betaalt die in het belang zijn van de bevolking. Dat ik alleen stem op politici die mijn belastinggeld goed gebruiken en dáárom politici verstandig omgaan met mijn belastinggeld. Gadaffi snapte het niet helemaal en bleef mij, geloof ik, toch een beetje onnozel vinden…

“Als inkomens stijgen, stijgt het aandeel wat de overheid krijgt ook. Dus zal de overheid wetten maken die economische activiteiten stimuleren”, vervolgt Collier zijn betoog.  Fantastisch eigenlijk, belasting betalen. Ik kan bijna niet wachten totdat die verfoeide blauwe envelop weer op de deurmat valt! Alhoewel…


McDonalds van de hulp

IS Online

Foto: Osiris Hoepel
Hoe ga je als buitenlandse hulpgever om met de eigen verantwoordelijkheid van ontwikkelingslanden? In een goed gevulde aula van de Vrije Universiteit gaf professor Paul Collier (Oxford) maandagavond tijdens een lezingencyclus van het SID (Society for International Development) goede en slechte voorbeelden van internationale samenwerking. “Wat arme mensen nodig hebben is onze kennis, niet ons geld.”

Paul Collier is een van de meest toonaangevende en gerespecteerde wetenschappers op het gebied van internationale samenwerking. Zijn voorlaatste boek ‘the Bottom Billion’ is tot standaardwerk uitgegroeid. Collier is hoogleraar Economie in Oxford en directeur van het Centre for the Study of African Economies en voormalig hoofd van de Development Reseach Group van de Wereldbank. Met grote stappen gaat Collier deze avond door de problemen van, maar ook de kansen voor, buitenlandse hulp aan ontwikkelingslanden. Grote stappen, maar wel in hapklare brokken en duidelijke taal.

Slechte voorbeelden
Een slechte voorbeeld van internationale samenwerking is volgens Collier het stellen van voorwaarden aan het beleid van het ontvangende land. Dat ondermijnt de verantwoording van de overheid ten opzichte van haar volk. “Een ramp”, aldus Collier. Ook begrotingssteun is gevaarlijk volgens Collier. Voor overheden dient het als vervanging van belastingheffing. En belasting heffen is belangrijk. Mensen houden er namelijk niet van om belastingen betalen. Dus worden mensen geprikkeld om hun overheid goed in te gaten houden waardoor overheden gedisciplineerd worden. Een ander voordeel van het heffen van belastingen is dat als inkomens van mensen groeien, overheden daarvan profiteren dus zal de overheid een rechtsstaat inrichten om economische activiteit te stimuleren. In Nigeria heeft Collier gezien wat er gebeurt als er geen belastingen worden geheven. “The more corrupt the local governor, the lower the local tax.”

Goede voorbeelden
Uit het slechte kan het goede groeien, meent Collier. “Duitsland is de best geleide economie van Europa omdat het de slechtst geleide was”, vertelt Collier. In de crisisjaren vernietigde de hyperinflatie de totale middenklasse. Om herhaling daarvan te voorkomen richtte men praktische instituties als een onafhankelijke centrale bank op. In Afrika proeft hij een vergelijkbaar sentiment over het eigen bestuur: ‘Dit nooit meer’: “Dat vang ik overal op het continent op.”.

McDonalds
De lezing van Collier mondde uit in een centrale stelling dat ontwikkelingslanden meer hebben aan onze kennis en ideeën dan aan ons geld. Ideeën scheppen economische kansen en zijn bovendien bijna altijd gratis. En met geld van eigen burgers in plaats van donorlanden moeten overheden verantwoording afleggen.

Wat voor rol rest er voor (Nederlandse) hulporganisaties? Volgens Collier zouden ze rechtstreeks door de overheden van ontwikkelingslanden gecontracteerd moeten kunnen worden. “Zuid-Sudan heeft veel inkomsten uit de olie, maar geen staatsapparaat om publieke diensten aan de bevolking te leveren. Daar zouden hulporganisaties een grote rol kunnen spelen. Nu hebben ze nog vaak een prachtig ingerichte boutiek, die weinigen helpt tegen hoge kosten. Maar ze moeten op grote schaal in basisbehoeftes kunnen voorzien. Ze moeten net als McDonalds een goedkoop basisproduct kunnen leveren.”
Als je het over McDonaldisering hebt, is de brug naar voedselzekerheid snel geslagen. Dat is een van de grootste uitdagingen waar Afrikaanse steden voor staan, aldus Collier. “Arme stedelingen in Afrika spenderen vaak de helft van hun inkomen aan voedsel. Als de prijzen stijgen, hebben ze dus minder te eten. En kinderen zijn dan vaak de dupe.” Collier weet wel oplossingen voor de voedselcrisis, maar vreest dat ze controversieel worden gevonden. De eerste is commerciële, grootschalige landbouw. Daarnaast de teelt van genetisch gemodificeerde gewassen. Daar hebben veel mensen toch een vreemd gevoel bij. “Maar,” stelt Collier, “de enige reden waarom Afrika genetisch gemodificeerd voedsel bant is omdat wíj het doen…”
Er moet in ieder geval íets gebeuren, zegt Collier: “We kunnen ons geen langdurige voedselcrisis veroorloven.”